Het Mauritsboompje

Het is het jaar 1590. Prins Maurits, zoon van Willem van Oranje, is stadhouder geworden van Overijssel, Gelderland en Utrecht. De Tachtigjarige Oorlog woedt in alle hevigheid. Willem van Oranje is vermoord, maar de strijd tegen de Spanjaarden gaat onverminderd door, nu met Maurits aan het hoofd van het leger.

Prins Maurits heeft al veel militaire successen op zijn naam staan wanneer de Staten van Overijssel hem vragen om ook Twente te bevrijden. Dat is belangrijk omdat met de bevrijding van dit deel van het land het Staatse gebied een aaneengesloten geheel zal zijn.

In 1597 lijkt de situatie voor het eerst echt gunstig en zal het gaan gebeuren. Op 4 augustus vertrekt Prins Maurits met een leger van zevenduizend soldaten te voet en twaalfhonderd ruiters naar het oosten. Het doel is in eerste instantie om te voorkomen dat de spaansgezinde steden in de regio nog langer bevoorraad kunnen worden via de Rijn. Maurits verwacht dat daardoor de verovering van de meer oostelijk gelegen steden makkelijker zal zijn. Er volgt een strijd bij Meurs, Groenlo en Bredervoort, waarna het leger op dinsdag 14 oktober optrekt naar Enschede, het eerste doel in Twente.

Het weer is al een tijdlang uitermate slecht, het is een gure herfst en het regent veel. Het leger nadert Enschede vanuit Duitsland omdat de route via Haaksbergen veel te nat en zompig is om begaanbaar te zijn voor een leger.

Op vrijdag 17 oktober schijnt echter de zon. Er wordt een kamp opgeslagen bij Epe en Gronau en de volgende dag bereikt het leger Enschede, dat zich nog diezelfde avond overgeeft. De Spaanse bezetter realiseert zich geen schijn van kans te maken tegenover Maurits’ overmacht. Plundering door het leger blijft Enschede hierdoor bespaard. Maar de stad moet wel zijn verdedigingsbolwerken afbreken en de buitengracht moet worden gedempt.
(zie voor meer informatie ook de ‘Canon van Nederland’ over Enschede: https://www.canonvannederland.nl/nl/overijssel/twente/enschede/veroverd-)

Maar waar rond Enschede heeft het leger precies zijn tenten opgezet? Het lijkt aannemelijk dat daarvoor het hogere (en dus drogere) land ten zuidwesten van de stad is gekozen: de Usseler Es. Dat is een verhaal dat al heel lang verteld wordt. Er staat een zelfs een boom op de es, waaronder Maurits zou hebben gekampeerd.

Maar heeft het grote leger echt onder dit boompje gebivakkeerd? Of bleef het ten oosten van de stad en is alleen Maurits op onze es geweest? Of misschien zijn ze geen van allen hier geweest?

Dr. Wim H. Nijhof, auteur van de website ‘Geschiedenis van Enschede’ vertelt dat het verhaal van Maurits’ aanwezigheid op de es bevestigd wordt in een wandelgids uit 1889. En dat ook dominee I. de Wolff er in 1948 geloof aan hechtte, zoals deze schreef in zijn boekje over de Tachtigjarige Oorlog.
(zie ook “De geschiedenis van Enschede’: https://www.geschiedenisvanenschede.nl/geschiedenis-van-enschede/mauritsboompje-op-usseler-es-rustplek-voor-staatse-verspieders/)

Maar hard bewijs is er niet, helaas. Toch is het een mooi verhaal en het zou best waar kunnen zijn. Wil je zelf eens kijken wat je ervan vindt? Het boompje staat op de es, samen met een gedenksteen.

 

De Laag van Usselo

Hoewel onze boerderij nog maar een jaar geleden van start ging, is de Usseler Es een plek met een lange geschiedenis, waar al sinds eeuwen landbouw wordt bedreven.

Deze foto is van de opgraving uit 1946 en stamt uit de collectie van de MuseumFabriek.

Archeologische opgravingen tonen aan dat er al omstreeks 9500 jaar v. Chr., na de laatste ijstijd, jagers/verzamelaars op de es woonden. Het gebied rond Usselo is een heel belangrijke archeologische vindplaats gebleken.

De meeste vondsten stammen echter uit een latere periode, toen de landbouw hier opkwam, van de ijzertijd (zo’n 500 jaar v. Chr.) tot en met de middeleeuwen.
Er zijn vondsten gedaan in de vorm van aardewerk, vuurstenen en sporen van nederzettingen.

Veel voorwerpen werden aangetroffen in een bodemlaag in het Usselerveen en zijn min of meer toevallig ontdekt in 1946 door de archeoloog en directeur van het Rijksmuseum Twenthe, C. Hijszeler. Deze laag lag op enkele meters diepte en bevatte een grondlaag van ongeveer 10 cm. dikte met opvallend veel houtskoolresten. Dit wordt de Laag van Usselo genoemd en is vermoedelijk 65 miljoen jaar geleden ontstaan. Uit later onderzoek blijkt dat deze laag niet beperkt is tot Usselo, maar zich uitstrekt over grote delen van Europa en internationaal belangrijk is.

Gemeentes kregen in 2007 een zorgplicht voor de archeologie en werden verantwoordelijk voor conservering en educatie. De gemeente Enschede heeft daarop onder meer besloten om de Laag van Usselo zichtbaar te maken voor publiek door een ‘belevingsplek’ te creëren bij Het Rutbeek om aandacht te vragen voor deze belangrijke archeologische vindplaats. De laag van Usselo ligt natuurlijk ook onder onze boerderij. Toen jaren geleden de snelweg A35 aangelegd werd en er bovendien sprake van was dat de es een bedrijventerrein zou worden, heeft de gemeente Enschede uitgebreid archeologisch onderzoek laten verrichten, wat dat bevestigde.

Deze foto stamt uit de collectie van de MuseumFabriek.

En dat heeft ook consequenties voor ons. Want hoewel het natuurlijk een mooi idee is om te ‘boeren’ op een terrein met zo’n lange agrarische geschiedenis, betekent het ook dat we niet willekeurig overal diep in de grond mogen graven zonder toetsing van de archeologische ondergrond. Bijvoorbeeld voor een waterbekken ten behoeve van onze watervoorziening in de zomer. Zoiets vergt op onze es overleg met de gemeente en de archeologische dienst. Wie weet wat voor interessante vondsten we nog gaan doen.

Geschiedenis van de Usselere Es: Ruilverkaveling

Bij ons thuis hangt een schilderij van de Twentse schilder P.A. Nijgh. Het is een boerenakker met korenschoven, waarschijnlijk de Usseler es van rond 1940. Wanneer je in die tijd over de es wandelde, liep je tussen een lappendeken van kleine landbouwpercelen, van elkaar gescheiden door houtwallen en sloten. Er werd rogge, haver en aardappels verbouwd, er bloeiden wilde bloemen en de vogels en insecten vlogen om je heen. Zo zagen de meeste landbouwgebieden in Twente er ongeveer uit. Een idyllisch plaatje, maar ook met nadelen.

De landbouwgrond was namelijk versnipperd en de percelen lagen meestal verspreid over het gebied, door onder meer erfenissen, stijgende pachtprijzen en gebrek aan grond. De akkers werden hierdoor steeds kleiner en lastiger te bewerken.

Doordat de percelen van een boer vaak zo verspreid lagen, ruilden de landbouwers altijd al wel onderling. Maar na de oorlog (en de voedselschaarste) nam de vraag naar landbouwproducten toe en daarmee de roep om meer efficiëntie. Ruilverkaveling werd toen officieel beleid in Nederland. Twentse boeren waren er echter altijd een beetje huiverig voor geweest, onder het motto “ruilen is huilen”, maar ook hier werd na de oorlog het grootste deel van het eeuwenoude landschap herverkaveld. Het doel was om de waterhuishouding te reguleren en de landbouwproductie te vergroten.

Op de Usseler es had dit ruilverkavelingsproces al iets eerder plaats, namelijk in 1941. Boven op de es staat de vlierboom van prins Maurits, waar ik eerder al over schreef. Bij dit boompje is na de ruilverkaveling in 1941 een Bentheimer zandsteen geplaatst met een inscriptie, om deze gebeurtenis te herdenken. Het pad over de es werd bovendien de Ruilverkavelingsweg genoemd.

Ruilverkaveling maakte dat de noodzakelijk geachte mechanisatie en de productieverhoging kon worden doorgevoerd, zowel voor de binnenlandse vraag als voor de export. Vanaf het midden van de vorige eeuw bood onze es dan ook een heel andere aanblik: een grote akker met hoofdzakelijk snijmais. Veel belangrijke en typerende landschapskenmerken verdwenen.

Die veranderingen hadden echter ook andere consequenties en niet alleen voor de Usseler es. Woeste gronden en heidegebieden werden bij de verkaveling betrokken en werden kleiner of verdwenen helemaal. En kenmerkende planten en dieren verdwenen daarmee eveneens.

Door schaalvergroting en intensivering van de landbouw nam de biodiversiteit schrikbarend af. En de aanplant van grote hoeveelheden mais in het verleden, droeg daaraan bij. Maar met onze ‘herenboeren’ manier van landbouw bedrijven proberen we het tij te keren. De werkgroep Biodiversiteit houdt dit proces in de gaten, kijkt welke maatregelen we kunnen nemen en hoe die geïmplementeerd kunnen worden. En onderzoek laat zien dat we op de goede weg zijn!

Windmolens op de Es?

Jarenlang stond er langs de Haaksbergerstraat een groot bord met de tekst: “van een ES als deze is er maar 1“. Het bord symboliseerde de strijd, die de vereniging tot Behoud van Usselo en de Usseler Es (VBU) voerde, om te voorkomen dat de unieke Usseler Es zou veranderen in een bedrijvenpark.

De plannen voor zo’n bedrijvenpark stammen uit de jaren 90, evenals het verzet ertegen. In 2001 wordt er op verzoek van de VBU een referendum gehouden in Enschede over de vraag wat de inwoners vinden van zo’n bedrijvenpark op die locatie. 85% van de mensen die stemden, zijn ertegen. Maar de opkomst is zo laag (26%) dat de gemeente het referendum ongeldig verklaart en alsnog besluit om de es aan te wijzen als locatie voor een nieuw ‘modern gemengd bedrijventerrein’.

De VBU, onder aanvoering van Gerrit Bijvank, geeft niet op. De es is een belangrijk cultureel-historisch natuurgebied, zeer karakteristiek en bovendien uniek vanwege zijn grootte.

Omwonenden voeren actie en de VBU spant verschillende procedures tegen de gemeente aan. De provincie besluit uiteindelijk dat er alleen nog nieuwe bedrijfsterreinen rond Enschede mogen komen, wanneer de vraag ernaar groter is dan het aanbod. De verwachting is dat dat niet zal gebeuren en daarmee lijken de problemen van de baan.

In 2016 ontstaat echter een nieuwe dreiging: zonnepanelen en windmolens op de es. Dat is uiteraard ook niet precies wat de VBU voor ogen staat. Maar uiteindelijk besluit de gemeente, na opnieuw een procedure van de VBU bij de Raad van State, dat het gebied bestemd wordt voor landbouw en natuur.

Begin 2021 heeft de gemeente Enschede een visie geformuleerd voor het landelijk gebied rondom de stad. Dit gebied is met name waardevol vanwege de afwisseling van landbouw, historische landgoederen en de Groene Pijler’: het eigen Twentse landschap, de variatie van natuur, hoogte, bodem en water en de beleving van donker en rust. Maar ze wil ook een link met de stad creëren.

In het nieuwe bestemmingsplan staat dat de es behouden blijft als eeuwenoud landbouwgebied en dat de natuur er versterkt gaat worden. Er volgt een overleg en participatiebijeenkomst met belanghebbenden, waaraan ook Herenboeren Twente deelneemt. Gezamenlijk wordt gekeken naar een nieuwe inrichting van de es en worden er een aantal doelstellingen opgesteld:

  • Waarborgen en versterken identiteit en natuur
  • Natuurinclusieve landbouw Westkrans
  • Potentieel (agrarisch) gebruik van de Bolling
  • Verbinding met de stad
  • Duurzame verpachting, regels en voorwaarden

Herenboeren blijkt vrijwel precies in het nieuwe plaatje te passen. Aan het einde van 2022 heeft de gemeente Enschede Herenboeren dan ook gekozen om er 20 hectare grond te gaan pachten en te ontwikkelen. Herenboeren Usseler Es kan starten!

Windmolens op de Es?

Maar dan komt er toch nog weer een nieuwe hobbel op de weg. De provincie blijkt (opnieuw) te overwegen om windmolens te plaatsen. 90 in totaal in Overijssel, waaronder ook 4 in het gebied rond Enschede, waaronder de Usseler Es. Begin dit jaar tekende ons bestuur op voorhand bezwaar aan tegen eventuele windmolens op de Es en op 25 september maakte zij gebruik van spreektijd voor de Provinciale Staten. Belangrijkste argument: duurzame energie is uiterst belangrijk, maar riskeer niet het ene duurzame initiatief met het andere. Op 9 oktober kwam de Provincie tot besluit: de 90 windturbines komen er en worden geplaatst in 4 clustergebieden. De A35 nabij Enschede is één van de vier clustergebieden. Tot half februari 2025 kunnen energieleveranciers zich inschrijven om mee te doen en worden de specifieke voorkeurslocaties duidelijker. Waarschijnlijk duurt het nog zo’n 6 tot 8 jaar eer de turbines er staan, aldus de Tubantia van 10 oktober. Op de website van de Provincie is veel informatie te vinden.